Anniek van den Brand (42) is columnist bij dagblad Trouw. (www.trouw.nl)

Voor deze krant schreef zij jarenlang over financiële economie. Zij is ook actief op het gebied van trainingen en presentaties. De van oorsprong Brabantse Anniek heeft een gezin dat naast haarzelf en haar echtgenoot bestaat uit twee jonge kinderen. Anniek woont in de Randstad maar is ook nog vaak te vinden in het Brabantse land.

Pinnen?!

Veel geld tref ik niet meer aan in mijn portemonnee sinds ik bijna overal kan pinnen. Kleingeld was al nooit aan mij besteed: dat slingerde rond in mijn tas of zakte via een kapotte jaszak naar de bodem van de voering en op momenten dat het erop aankwam kon ik het natuurlijk niet vinden. Aan briefgeld doe ik ook niet meer sinds mijn tas werd gestolen met daarin tweehonderd euro: ik kijk ik wel link uit. Mijn pinpas en ik, da’s dikke mik. 

Toch beken ik ook wel eens nerveus de billen bij mekaar te houden als ik de pinpas door de gleuf bij de kassa trek. Diep van binnen vrees ik dat dat ding een keer heel hard gaat lachen en door de supermarkt schalt: ‘Haháá mevrouw Van den Brand, dat had u toch zelf ook niet gedacht, hè? Dat laatste paar kekke schoenen in de uitverkoop was er nét een te veel, dat weet u zelf ook wel! En nu is het op! Helemaal opperdepop!’

Maar helemaal zónder pasje heb ik nog nooit gestaan. Ik draai de film terug en zie hoe ik mijn man gisteren mijn pinpasje heb geleend. Mijn lieve sloddervos die zonder portemonnee door het leven gaat en dus doorlopend allerlei pasjes en andere belangrijke zaken kwijt is, wilde tanken en kon, zoals zo vaak, zijn eigen plastic betaalkaartje niet vinden. Nu begrijp ik ineens waar het mijne is: ergens in een van zijn broekzakken – als ik geluk heb ergens in de wasmand, met een beetje pech kromgetrokken in de droger.

Vroeger hadden wij thuis een bakkerszaak. Op de toonbank lag een oranje multomap met alfabetische tabbladen - de familie Kemps stond bij de K, de familie Matthijsen bij de M, de familie Smits bij de S. De mensen haalden hun brood, taarten en vlaaien in onze winkel en lieten de kosten ‘opschrijven’, zoals wij dat noemden. Sommigen rekenden eens per week af, en er waren families die zeven blaadjes in de multomap besloegen en pas betaalden als het jaarlijkse vakantiegeld binnenkwam.

Maar aan ‘opschrijven’ doen ze hier niet. Net als ik me realiseer dat ik zonder boodschappen naar huis moet (Dat wordt dus pizza vanavond) blijkt de redding nabij in de vorm van een aardige buurman.  Enigszins bezorgd komt hij af op mijn inmiddels hoogrode konen. ‘Gaat het een beetje, buurvrouw?’ Behendig trekt hij zijn pinpas door de gleuf. Pinnen mag, lees ik op een bordje bij de kassa. ,,Ook door de buurman’’, denk ik erbij.



Huismerk
21 juni 2010
Mooi koken
18 december 2009
Pinnen?!
14 juli 2009
Tante Annie
30 maart 2009